Impact
Over de impact van de biologische landbouw is in de afgelopen twee decennia al veel wetenschappelijk onderzoek gepubliceerd. De Farm-to-Fork strategie van de EU-commissie geeft een goed beeld van de wetenschappelijk bewezen impacts van biologische landbouw in z’n algemeenheid op:
- natuur en biodiversiteit;
- dierenwelzijn (en het terugdringen van het risico op dierhouderij gerelateerd dierziekten en zoönosen)
- klimaat
- humane gezondheid
Recent in 2023 het rapport van de WUR, gemaakt op verzoek van LNV. Gerard Migchels, Iris de Jonge, Marc Bracke, Theun Vellinga, Wijnand Sukkel. Het perspectief van biologische landbouw. Effecten van het vergroten van het areaal biologische akkerbouw en melkveehouderij op klimaat, natuur en dierenwelzijn. Rapport 1417 WUR 2023, kijk hier.
En ook een vergelijkbaar Duits rapport. Kurt-Jürgen Hülsbergen, Harald Schmid, Lucie Chmelikova, Gerold Rahmann, Hans Marten Paulsen, Ulrich Köpke Umwelt- und Klimawirkungen des ökologischen Landbaus. Technische Universität München 2023, kijk hier.
EKO heeft in samenspraak met de deelsectoren impact-thema’s per deelsector vastgesteld, waar normen voor zijn opgesteld. De belangrijkste thema’s zijn:
- Bodem en biodiversiteit
- Klimaat en energie
- Dierenwelzijn en diergezondheid
- Sociaal en eerlijk
- Kringloop
- Transparantie
Stichting EKO bouwt met haar normen enerzijds voort op de vier impactgebieden die in de Farm-to-Form benoemd zijn, waar EU-biologisch al wetenschappelijk onderbouwde positieve scores toont ten opzichte van de reguliere landbouwpraktijk.
Voorbeelden hiervan zijn:
- Natuur en biodiversiteit: 5% van het landbouwareaal van een EKO-melkvee- en akkerbouwbedrijf is ingericht voor natuur. Voor de overige sectoren is dat 3%
- De biodiversiteit in de bodem wordt verder versterkt door de EKO-vruchtwisselingsnorm van maximaal 50% rooigewassen en minimaal 30% rustgewassen.
- Bodem en waterkwaliteit: door lager bemestingsniveau en geen gebruik van chemische middelen blijven bodem en water schoner.
- Dierenwelzijn en diergezondheid: de weidegang voor EKO-melkveebedrijven bedraagt minimaal 180 dagen per jaar (8 uur per dag), en voor geiten 120 dagen per jaar (5 uur per dag), verplichte weidegang voor drachtige zeugen, beperkt gebruik van antibiotica en beperkte vervoersafstanden voor de slacht van varkens en kippen.
- Klimaat en energie: alleen gebruik van groene stroom is toegestaan, en de broeikasgasemissies per ha zijn lager op biologische bedrijven. Raadpleeg de hier boven genoemde rapporten voor de details mbt punt 1 t/m 3.
- Humane gezondheid: onderzoek naar de microbiologie in en op biologische bodems en gewassen tonen aan dat biologische geteelde producten een gevarieerder microbiologie hebben die kunnen doordringen tot het microbioom van mensen.
Bron: Onderzoek TU Graz geleid door Wisnu Adi Wicaksono en Gabriele Berg, kijk hier.
EKO heeft de ambitie om op alle vier pijlers van de biologische landbouwmethode impact te maken. De vier pijlers van de biologische landbouwmethode zijn:
- ZORG Het beschermen en koesteren van wat wij hebben, de planeet leefbaar en gezond houden, de bodem verzorgen zodat toekomstige generaties ook nog heerlijke producten kunnen verbouwen.
- ECOLOGIE Het bevorderen van biodiversiteit, samenwerking met de natuur, kringlopen, water, bodem, planten.
- GEZONDHEID Gaat verder dan de gezondheid van de mens, het gaat ook over gezonde bodems, planten en dieren. Gezondheid is ook meer dan de afwezigheid van ziektes, het gaat over vitaliteit en levenskracht.
- EERLIJKHEID ofwel billijkheid staat voor wederzijds respect, eerlijke prijzen voor boeren, gerechtigheid in de keten waarbij elke schakel de waardering krijgt die haar toekomt.
Drie belangrijke impactgebieden die EKO heeft opgenomen in de normen (en die nu verplicht zijn in de EU-wetgeving) zijn:
- Regionaliteit (ecologie-impact): EKO duidt herkomst van de primaire producten uit Nederland aan en versterkt daarmee vooral Nederlandse ketens met als doel versterking van een groene en gezonde leefomgeving, een kortere kringloop en het beperken van transport.
- Sociaal (eerlijkheid impact): EKO heeft een klachtenprocedure bij geschillen rondom het thema sociaal en eerlijk. Licentiehouders zijn bereid deel te nemen aan ronde tafelgesprekken over dit onderwerp. Openheid richting de consument is een doelstelling d.m.v. communicatie, zoals middels de website, sociale media en open dagen. Vanuit de sociale doelstelling wil EKO bijdragen aan eerlijke prijsvorming en waardering voor boeren. Sommige deelsectoren stellen extra eisen aan bijv, personeel inhuren via gecertificeerd uitzendbureau.
- Gebruik van groene stroom
- Kringloop (ecologie-impact): gebruik van uitsluitend biologisch stro voor varkens en pluimvee.
Voor een volledig overzicht van de bovenwettelijke doorontwikkelambities van de biologische sector (aansluitend op vijf thema’s die door het ministerie van Landbouw benoemd zijn in het LNV Actieplan voor de groei van biologische landbouw en consumptie en de onderdelen die EKO nu al invult met haar normen verwijzen we hier naar het rapport Biologische landbouw - Doorontwikkeling van de biologische sector dat Biohuis in opdracht van het Ministerie van LNV in november 2023 heeft opgeleverd.
Stichting EKO-keurmerk zal de komende twee jaar in nauwe samenwerking met de stakeholders van de primaire deelsectoren en de daaraan verbonden ketenpartijen een systemische methodiek ontwikkelen voor het definiëren van haar bovenwettelijke impact-doelen naar de toekomst toe (toekomstige ambities) en het meten van de mate waarin impact-doelen bereikt worden. Als leidraad zal hierbij, naast het hierboven benoemde rapport, gebruik gemaakt worden van het Biohuis rapport Biologische landbouw – Reflectie op door consortium voorgestelde KPI’s voor kringlooplandbouw, dat eveneens in opdracht van het Ministerie van LNV in november 2023 is opgeleverd.